Het sollicitatiegesprek: dit mogen ze je níet vragen.

0
Leestijd: 2 minuten

Soms krijg je een vraag die je niet verwacht, of die je misschien zelfs als onbeleefd ziet. Het kan heel goed zijn dat jij dan in je recht staat als je geen antwoord geeft op zo’n vraag.

De vuistregel luidt: Alleen vragen die relevant zijn voor het beoordelen van jouw geschiktheid voor de functie mogen gesteld worden. Bijvoorbeeld: “Kun jij spellen?” – mag wel. “Wil je kinderen?” – mag niet.

Lijstje!

Voor de liefhebber hebben wij een lijstje gemaakt met vragen die niet mogen:

– Vragen over je gezondheid; bijvoorbeeld, ben je vaak ziek?

– Vragen over je gezinssituatie; bijvoorbeeld, ben je zwanger? Heb/wil je kinderen? Steunt je gezin je in je carrière?

– Vragen over je afkomst; komen je ouders uit Engeland/Marokko/Japan/van Urk?

– Vragen over religie; bijvoorbeeld, ben je gelovig? Doe je mee aan de ramadan? Wat is jouw visie op het Vliegend Spaghetti Monster?

– Politiek gerelateerde vragen; ben je lid van een politieke partij? Op welke partij stem je? Ben je lid van een vakbond?

De meeste van deze vragen komen voort uit de Wet Gelijke Behandeling, die -vanzelfsprekend- bepaalt dat men niet beoordeeld mag worden op andere vlakken dan geschiktheid voor een functie.

Je moet natuurlijk wel zo snugger zijn te begrijpen dat sommige vragen voortkomen uit oprechte interesse. Het is voor jezelf dus wel belangrijk dat je je afvraagt waarom de recruiter deze vraag stelt, voor je begint te protesteren. Als je allebei lid bent geweest kan het juist mooi zijn om te praten over de KMT, clubgenoten, commissies of andere mooie dingen.

Zeggiknie.

Als jou een van de bovenstaande vragen gesteld wordt, is het belangrijk om rustig en vriendelijk te reageren. Je kunt bijvoorbeeld zeggen dat je vraag je verbaast, en dat je je afvraagt waarom de vraag van belang is. Zo reageer je beleefd en volwassen, zonder meteen te veranderen in een sfeerspons.

Deel dit bericht

Comments are closed.